© Dorien Goetschalckx
Kaleo @ Lotto Arena: IJslandse bluesrock met Texaanse invloeden
Het was de tweede keer dat Kaleo, IJslands populairste muziekgroep van het moment, zich op Belgisch grondgebied begaf. Deze passage op een kille donderdagavond in november waren ze ons nog verschuldigd, aangezien ze het festival Rock Werchter eerder dit jaar moesten afzeggen wegens medische problemen. Met de aangekondigde ‘Express Tour’ reisden ze doorheen Amerika en Europa om hun plaat ‘A/B’ voor te stellen. De ijzersterke bluesrock in combinatie met de rauwe stem van zanger JJ Julius Son viel duidelijk in de smaak bij het publiek in de goedgevulde zaal.
Beginnen deden de mannen uit IJsland met ‘Broken Bones’, een nummer waarin de duivel de hoofdrol speelt. Ze maakten een directe overgang naar het ingetogen ‘I Can’t Go On Without You’, dat de zanger al fluitend opende en waarmee hij de hele zaal stil kreeg. ‘Cause nothing hurts like a woman can’, zong de soulman met een gebroken hart en een stem waar hij iedereen omver mee kan blazen. Dat ze nu niet meer in het noordelijke eiland wonen is merkbaar, want hun muziek is doordrongen van de Texaanse invloeden. Een goede keuze om daar te gaan wonen, want ze doen er duidelijk bakken inspiratie op.
Met ‘No Good’ knalden ze er stevig in. De uptempo rocksong met ronkende gitaren en gedreven zang deed denken aan het werk van Amerikaans bluesrockduo The Black Keys, waar ze wel vaker mee vergeleken worden. Maar een van de hoogtepunten was toch wel de IJslandse ballad ‘Vor í Vaglaskógi’, een nummer geschreven in hun moedertaal als eerbetoon aan hun eigen land. Het nummer zorgde voor heel wat sfeer en opgestoken lichtjes, ook al begreep geen kat in de zaal de moeilijke songteksten in het IJslands. Ook de cover van Sonny Bono ‘Bang Bang’ werd op een heel overtuigende manier gebracht, met muzikanten die opvallend strak stonden.
Een klein weetje: de naam Kaleo is Hawaïaans voor geluid, maar het geluid dat zij produceren is niet zomaar een gewone klank waar je aan denkt bij artiesten uit eigen (ei)land zoals Sigur Rós of Björk. Het geheel klonk zo perfect dat het leek alsof de opgenomen plaat werd afgespeeld. De kracht van de band zit vooral in de ruige en krachtige stem van JJ Julius Son, die zelfs de hoogste noten kan bereiken met zijn falsetto. Dat vocaal van hoog naar laag gaan is voor hem duidelijk geen probleem. Dat maakt de band uniek op zijn manier en het is dan ook geen wonder dat het succes van de IJslandse rocksensatie zo snel gaat.
‘Way Down We Go’, de monsterhit waarmee ze zijn doorgebroken, spaarden ze tot het einde. Toen ze dat inzetten werden alle iPhones de lucht ingestoken om toch maar een glimp op te vangen van het meezingmoment. De retro inrichting in combinatie met de halfduistere gloed die in de zaal hing, creëerde de intieme sfeer waar ze op hoopten. De hele avond stond het publiek mee te wiegen en soms stond het publiek op het middenveld er op los te springen, onder leiding van ambiancemaker en bassist Daniel Kristjansson. De zanger bedankte het publiek meerdere malen voor het enthousiasme en het werd meteen duidelijk dat de band blij was om terug te zijn in België. Na het enige bisnummer ‘Rock ’n Roll’ verlieten ze het podium onder luid applaus.
Kaleo wist iedereen de hele avond in zijn greep te houden en bewijst hiermee dat ze zich voortaan als een volwaardige rockband mogen profileren. De combinatie van rustige meezingers en ruigere momenten met scheurende rockgitaren maakten indruk op het grote publiek. Soms was het moeilijk om te geloven dat we ons wel degelijk in de Antwerpse Lotto Arena bevonden en niet ergens in Texas in de jaren zestig. Met deze indrukwekkende prestatie zijn we zeker dat het kille noorden er alweer een topgroep uit formaat bij heeft. Een hype die mag worden verdergezet, graag zelfs.